Ad van Pelt
Skip Navigation Links ecensies

Hier komen enkele recensies over het orgelspel van Ad van Pelt

Hier een gedeelte uit de recensie op "Orgelnieuws":
Ad van Pelt: sinds 2001 is hij organist van de Hervormde Kerk te Nieuwkoop, sinds 1989 van de Oude Kerk te Huizen, en sinds 1986 van de Petruskerk te Woerden. Maar al in 1976 werd hij tot organist benoemd, namelijk van de Woerdense Maranathakerk. Dat betekent, dat hij het afgelopen jaar een 'robijnen' jubileum heeft gevierd.
Ter gelegenheid daarvan heeft hij een cd gemaakt - uiteraard op het mooiste instrument dat hij onder zijn vingers heeft: het J.H.H. Bätz-orgel (1768, 27/IIP) in de Petruskerk. Op deze jubileum-cd is klassieke-, galante- en barokmuziek te beluisteren, muziek waardoor het 'Woerse' pronkjuweel optimaal tot zijn recht komt. Van Bachs leerlingen Krebs, Kittel en Homilius horen we feestelijke Praeludiae en fraaie koraalbewerkingen, zoals 'Freu dich sehr' (Ps. 42) - met uitkomende Cornet en 'Straf mich nicht' - met uitkomende Vox Humana. Van Handel klinkt een complete suite. Van Bach koralen uit het Orgelbüchlein, variërend van het lichtvoetige 'Vom Himmel kam der Engel Schar' tot het forse 'In dir ist Freude', alsmede een zelfgemaakte bewerking van het slotkoraal uit Cantate 41. Leuk zijn de stukken uit de BWV-Anhang die Van Pelt laat horen, zoals 'Nun lobe meine Seele den Herren', waarschijnlijk van een Böhm-leerling en de Fuga over B-A-C-H (BWV Anh. 107) van Bachs collega Sorge. En verrassend klinkt Mozarts Zesde Weense Sonatine, en het laat-klassieke 'Präludium in C' van Rinck. De cd wordt besloten met Regers romantische variaties over het 'Altniederländisches Dankgebet' - de Duitse versie van 'Wilt heden nu treden'. Van Pelt vertolkt de composities zoals het een Uitvoerend Musicus betaamt: in een aangenaam tempo met passende fraseringen en articulaties.

Vier eeuwen overbrugd in de Augustijnenkerk - Ad van Pelt, orgel; Geertje van Wijngaarden, sopraan - Gehoord: 14 augustus 2010, Augustijnenkerk
DORDRECHT - In de Augustijnenkerk was zaterdag iets bijzonders te beleven. De Woerdense organist Ad van Pelt speelde er twee delen uit De Psalmen Davids van de Dordtse componist Hendrick Speuy (1575-1625), ooit organist van zowel de Augustijnen- als de Grote Kerk.
Historisch interessant: het gaat om de eerste muziek voor klavier die in ons land in druk verscheen (1610). En Speuy's muziek is prachtig. Zijn bewerking van psalm 128, Salich is hy bevonden, maakte indruk door de volheid van klank en in psalm 100, Ghy Volckeren des Aertrijcz, hoorden we fraaie omspelingen van de psalm-melodie. En dan te bedenken dat Speuy zelf deze muziek 400 jaar geleden in dezelfde kerk ten gehore bracht, op de oudste van de drie voorgangers van het Maarschalkerweerdorgel. Een orgel, waarvan het draagpositief voor in het schip stond en het pijpwerk in de zijbeuk. Het verdere programma boeide niet minder. Geertje van Wijngaarden (sopraan) bracht liederen van Samuel Scheidt, die qua sfeer mooi bij diens tijdgenoot Speuy aansloten. Warm gezongen, en woord voor woord verstaanbaar. Ook overtuigde zij in Bachs Nun lob, mein Seel', al zou de passage naar het hoge register soepeler mogen. Haar I know that my Redeemer liveth uit de Messiah was in een woord prachtig. Ook Ad van Pelt liet zich nog solo horen. Indrukwekkend in Bachs Preludium en fuga in G (BWV 541), met een fascinerend slot. Daarna werken van Händel, waaronder een luchtige mars uit de opera Alcina. Het duo verraste nog met Valerius' O Nederland let op uw zaak (bewerking Albert de Klerk). En een Sortie van de Parijzenaar Théodore Dubois was het spectaculaire slot van een mooi inloopconcert. - [Ger van der Tang - AD/De Dordtenaar - 16 augustus 2010]

Huiveren bij achtste symfonie Sibelius
Woerden - Bijna geen werk in de muziekgeschiedenis dat zulke mysterieuze vormen heeft aangenomen als Sibelius' achtste symfonie. Het werk waar de componist meer dan 15 jaar mee worstelde en dat tenslotte in het haardvuur eindigde klonk zaterdagavond in Woerden. Althans materiaal daaruit en daarmee was het voor de liefhebbers een gebeurtenis om bij te huiveren. Want zo vaak klinkt het opus 111b van de Finse meester niet, althans niet in Nederland. Sibelius schreef zijn Sorgemusik; treurmuziek, in 1931 na de dood van zijn vriend, de schilder Akseli Gallén-Kallela. Het stuk moest tijdens dienst uitvaart worden uitgevoerd, zodat er weinig tijd was voor een geheel nieuwe compositie. Naar alle waarschijnlijkheid, het verhaal komt van Sibelius' weduwe, putte de componist voor deze treurmuziek uit het langzame deel van zijn symfonie-in-wording en daarmee is dit het enige stukje van de achtste dat de vlammen heeft overleefd. Ad van Pelt speelde het zaterdag, samen met de Intrada, opus 111a, die Sibelius in 1925 schreef ter gelegenheid van het bezoek van het Zweedse koningspaar aan Finland. Beide stukken kregen een fraaie vertolking op het Van Leeuwenorgel van de Opstandingskerk, die niet kon verhullen dat de componist in 1931 geïnspireerder was dan zes jaar eerder. - [Jan van Es - Woerdense Courant - 14 februari 2008]

Von Barock bis zur Modern - Ad van Pelt aus Woerden gastierte zum "Orgelkonzert zur Marktzeit"
Steinhagen - Der Organist Ad van Pelt zeigte in seiner Musik-Literatur-auswahl Geschick: Von Dietrich Buxtehude über die Vertreter des Barocks bis hin zur Moderne begeisterde der Musiker aus der Niederländischen Partnerstadt Woerden mit seinem fein akzentuierten Musikstil. Unaufgeregt stellt er die Botschaft der hauptsächlich geistlichen Musik am Donnerstag beim "Orgelkonzert zur Marktzeit" in den Vordergrund. Nach den drei Choralbearbeitungen von Buxtehude am Anfang stellt van Pelt einen Zeitgenossen von Johann Sebastian Bach, Johann Gottfried Walther, mit drei sehr farbigen und fein interpretierte Stücken aus dem "Concerto del Segnor Albinoni in B-Dur" vor. Ein erster kraftvoller Höhepunkt gelang mit dem Bach-Choral "Wir glauben all an einen Gott". Sehr gegensätzlich fand der barocke Konzertteil sein Finale mit der sehr melodiösen Fantasia sopra "Freu dich sehr o meine Seele" von Johann Ludwig Krebs. Ein königlicher Ausflug in das geniale Reich von Wolfgang Amadeus Mozart inszenierte Ad van Pelt feinperlig-fröhlich mit den Variationen über das holländische Lied "Willem van Nassau". Mit diesem wunderbaren übergang zur Moderne stellte van Pelt den amerikanischen Zeitgenossen Larry Visser (geboren in 1962) vor. Mit einer "Hommage an Bach" mit "Vier Choralbearbeitungen" über das "Lobe den Herren" überraschte van Pelt zuerst mit einem vollmundigen "In Organo pleno", einem sich in sphärischen Klängen auflösenden "Verzierten Choral", um danach ein feines tänzerisches "Trio" hinzuzufügen. Das sterke Finale dieser facettenreichen Choralbearbeitung war ein hymnisches "Organo pleno". Da zeitgenössische niederländische Orgelmusik in unseren Breiten nicht eben häufig zu hören ist, wurde die Interpretation seiner eigenen Improvisationen über drei bekannte niederländische Lieder zu einem besondernen Musikgenuss. Ob beim warm registrierten und klar durchkomponierten "Gelukkig is het Land" oder den witzigen Passagen des "Komt nu met zang". Ad van Pelt führte den Zuhörern in der Dorfkirche vor, was in der Orgel steckt. - [Haller Kreisblatt - 6. Mai 2006]

Recensies over het spel van collega's
Ad van Pelt schrijft met enige regelmaat recensies voor de rubriek "Afgeluisterd" van het Reformatorisch Dagblad. Hierbij volgen enkele van deze cd-besprekingen:    

54. Gerrit Christiaan de Gier in Hasselt
Wederom een origineel idee van organist Gerrit Christiaan de Gier: een cd rondom het thema “Jeruzalem, o stad zo hoog gebouwd”. Op het programma staan enkele grote werken uit het begin van de twintigste eeuw. Daarnaast horen we een bewerking uit een cantate van Bach en werken van Nederlandse collega’s. Bovendien enkele eigen werken en improvisaties. Het is een cd waarover goed is nagedacht, die absoluut anders is dan alle andere cd’s. Er is een unieke thematische opzet, waarbij booklet, tekst en muziek een eenheid vormen. De registraties vullen het verder aan. Het tekstboekje, van de hand van dr. Henk Vreekamp, leidt ons als een gids door Jeruzalem, als een rondwandeling door de historische stad. Aangevuld met enige theologische onderbouwing. De muziek van Léonce de Saint-Martin en Karl Hoyer komt onder de handen van de organist tot leven. De werken van de Nederlandse collega’s Johan van Dommele, Margaretha Christina de Jong en Toon Hagen vallen in positieve zin op. Van de laatstgenoemde vooral het stuk “Shalom”, met centraal de melodie “Shalom chaverim”. Goede improvisaties over liederen van Israël in een modern klankidioom, geïnspireerd op de Franse Romantiek van Dupré en Alain, maken het programma verder tot een eenheid. De Gier demonstreert dat er veel mogelijk is op het relatief kleine instrument van Rudolph Knol met 30 stemmen, uit 1806. Het orgel wordt maximaal benut. Misschien zou een iets groter orgel beter geschikt zijn geweest voor de grote koraalfantasie van Hoyer. Hoe dan ook, in Hasselt is muziek uit deze stijlperiode uitstekend uitvoerbaar, mede dankzij de gunstige akoestiek van de Stephanuskerk. Het geheel wordt overtuigend gebracht, dat is uiteraard het belangrijkste. - Jeruzalem, o stad zo hoog gebouwd – Gerrit Christiaan de Gier – Grote of St. Stephanuskerk Hasselt; VDGRAM Records (VDG 2015 0508); - [Drs. Ad van Pelt - 30 december 2015]

53. Vier herboren Groningse orgels
Deze cd heeft een prachtige titel, die goed de aandacht trekt. Het geeft precies weer waar het om draait. Het is dan ook een lovenswaardig initiatief van de Stichting Groningen Orgelland om het klinkend resultaat van vier orgels, die in de afgelopen jaren zijn gerestaureerd, te presenteren op een nieuwe cd. De restauratie van de orgels was mogelijk dankzij subsidie na het Besluit Rijkssubsidiëring Instandhouding Monumenten, vaak afgekort met de afkorting BRIM. De orgels worden bespeeld door vier organisten. Het kleine Arp Schnitger-orgel (1698) in Mensingeweer werd gerestaureerd naar de toestand van 1867. Het is bijzonder geschikt voor oude muziek, zo blijkt uit de bespeling door Vincent van Laar, die het laat horen in een afwisselend programma met werk van Bull, Weckmann, Sweelinck en Bach. Sietze de Vries tekent voor een stijlvolle improvisatie op het eveneens bescheiden Frans Caspar Snitger/Freytag-orgel in Zuidhorn (1793), dat zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat is gebracht. Janny de Vries demonstreert het Meijer-orgel (1876) te Baflo, waarvan nagenoeg al het pijpwerk nog origineel is. Ze speelt werken van Walther, die op dit orgel uitstekend te realiseren zijn. De bovengenoemde orgels werden gerestaureerd door Mense Ruiter Orgelbouw. Regelmatig wordt de klankschoonheid van historische orgels op cd vastgelegd. Instrumenten uit de eerste helft van de twintigste eeuw worden vaak genegeerd. Daarom is het verrassend dat het Adema-orgel (1923) te Kloosterburen, gerestaureerd door Adema's Kerkorgelbouw, ook voor het voetlicht wordt gehaald. Het wordt bespeeld door Pieter Pilon. Hij speelt mooie muziek van Karg-Elert en sluit af met het bekende “Grand Choeur alla Handel” van Guilmant. - Vier herboren Groningse orgels: Mensingeweer, Zuidhorn, Baflo, Kloosterburen; Stichting Groningen Orgelland; - [Drs. Ad van Pelt - 23 september 2015]

52. Franz Tunder in perspectief I
De orgelwerken van Franz Tunder uit Lübeck zijn het waard om gehoord en gespeeld te worden. Toch wordt dat weinig gedaan. Daarom is het lovenswaardig dat Peter Westerbrink deze muziek onder een flinke laag stof vandaan haalt. Daarbij betrekt hij bovendien werken van andere componisten die eveneens in het midden van de 17e eeuw werkzaam waren in Hanzesteden, zoals koraalbewerkingen van Ewald Hintz en Andreas Neunhaber uit Danzig. Met name het oeuvre van Neunhaber prijkt zelden op de lessenaars, omdat zijn werk beslist niet eenvoudig uitvoerbaar is en er bovendien een drieklaviers orgel nodig is. Op de eerste aflevering van de driedelige serie "Franz Tunder in perspectief" klinken van Tunder twee grote koraalfantasieën. In deze werken wordt elke koraalregel op afwisselende wijze verklankt, waarbij geregeld gebruik wordt gemaakt van klavierwisselingen. Bovendien horen we een variatiereeks van een anonieme componist uit de Sweelinck-school, mogelijk Scheidemann. Voorafgaande aan de bewerkingen klinken er koralen van Scheidt. Het geheel wordt omlijst door enkele preludia van Tunder. Als intermezzo wordt bovendien diens speelse Canzona uitgevoerd, met daarnaast twee lichtvoetige Canzona's van Weckman. Het Schnitgerorgel in Norden is optimaal geschikt voor deze voortreffelijke muziek. Westerbrink speelt de composities op een overtuigende wijze, met een boeiende afwisseling in articulatie, registratie en tempo. In het booklet vinden we goede informatie over de  componisten en hun werk, een dispositie van het orgel en enkele prima foto's. Een duidelijk overzicht van de gebruikte registraties completeert het geheel. - N.a.v. Franz Tunder in perspectief I; Peter Westerbrink, Stichting Internationale Orgelacademie Groningen (201401) - [Drs. Ad van Pelt - 24 december 2014]

51. Everhard Zwart speelt Asma
In de jaren vijftig publiceerde Feike Asma zijn "Orgelboek bij de Enige Gezangen", een bundel met 29 gezangen die in gebruik waren bij de Gereformeerde Kerken in Nederland. Hieruit selecteerde Everhard Zwart ongeveer de helft. Het is een originele keuze van de organist, die in zijn jeugdjaren veel met Asma heeft opgetrokken, om deze werken op cd vast te leggen. De opname vond plaats in de Grote Kerk te Gorinchem. De liedbewerkingen zijn overwegend bescheiden van proporties. Ze worden steeds afgesloten met een koraalzetting, die in deze uitvoering vaak wordt gespeeld met een uitkomende stem. Regelmatig wordt daarbij gebruikgemaakt van de tremulant, hetgeen bijdraagt aan de mooie romantische orgelklank. Zwart speelt de bewerkingen op een wijze die past bij Asma. Nu eens met een eerbiedige rust, dan weer met een dosis gedrevenheid en onstuimigheid. Hij permitteert zich vrijheden die geoorloofd zijn in deze stijl. Hoewel ik soms wat achtergrondgeruis meen te horen, moet gezegd worden dat deze muziek voortreffelijk klinkt op het robuuste Bätz/Witte-orgel uit 1761 en 1853. In het booklet vinden we een voorwoord van producer Gerrit van de Werken van Landgoed Gerianna, waarin hij aangeeft dat deze productie een aanzet is om recht te doen aan de musicus Asma. Voorts vinden we er een smaakvol geschreven artikel van Jan van 't Hul met meerdere details over het leven van de componist. Prima foto's en een dispositie van het orgel completeren het geheel. Hoe men dan ook over de muziek van Asma mag denken: orgel, componist en organist vormen in deze productie beslist een eenheid. - N.a.v. "Asma – Orgelboek Enige Gezangen"; Everhard Zwart, Grote Kerk Gorinchem; LG Organ Classics (111013) - [Drs. Ad van Pelt - 15 oktober 2014]

49. en 50. Metaphora - Hayo Boerema
Het Marcussenorgel van de Laurenskerk te Rotterdam bestaat veertig jaar. Organist Hayo Boerema bracht daarom de cd ”Metaphora” uit. Een metafoor gebruikt men om iets te vergelijken en daarmee bovendien een bijzonder effect te bereiken. Zo gebruikt Boerema zijn instrument om muziek uit ruim drie eeuwen over te dragen. Daarin is hij geslaagd. In de beroemde Grand Dialogue van Louis Marchand is de afwisseling tussen Grand Orgue en Positif een waar feest. De Fantasia KV 608 van Mozart is oorspronkelijk bedoeld voor een mechanisch uurwerk. Latere bewerkers maakten het geschikt voor orgel, zoals de opgenomen versie van Dupré, waarvan Boerema overtuigend aantoont dat het uitstekend klinkt op deze koningin onder de instrumenten. Franck is vertegenwoordigd met de beroemde ”Fantaisie en la”. Boerema demonstreert hier dat het Marcussenorgel een echte Cavaillé-Coll opvallend dicht benadert. Van Howells volgt Psalm 130 (”De profundis clamavi”), een stuk dat behoort tot de eerste werken die de componist kon schrijven na het plotselinge overlijden van zijn 9-jarige zoontje. Hoogtepunt is de Symphonie-Passion van Dupré: een grootschalig werk, gebaseerd op het leven van Christus, met in deze uitvoering zeer indrukwekkende momenten. Een bonus-cd biedt de vierdelige ”Petite Suite pour Grand Orgue”, die Boerema schreef ter gelegenheid van het tienjarig jubileum van Rotterdam Orgelstad in 2010. Een genoegen om deze compositie, geheel in Franse stijl en geïnspireerd op Vierne, Dupré en Messiaen, te beluisteren. Een fraai booklet met enkele goede foto's en lezenswaardige informatie over orgel, composities en organist, completeert het geheel. - N.a.v. "Metaphora - 40 Years Marcussen Organ Laurenskerk Rotterdam"; Hayo Boerema, orgel; Hayo197203; 2-cd - [Drs. Ad van Pelt - 26 maart 2014]

48. Arjan en Edith Post
Op de nieuwste cd van het trompetduo Arjan en Edith Post, met de titel "Arjan en Edith - De Heer is mijn Herder", kunnen we luisteren naar 18 bewerkingen over bekende Psalmen en gezangen. De opname is gemaakt in de Evangelisch-Lutherse Kerk te Den Haag. De begeleiding op het fraaie Bätz-orgel wordt verzorgd door Wim Magré. Het programma bevat onder meer arrangementen van de hand van de beide trompettisten. Daarnaast horen we ook enkele bewerkingen van orgelwerken van Feike Asma en Klaas Jan Mulder. Dit alles sluit goed aan bij de stijl van Feike Asma, die in de jaren vijftig en zestig organist van deze kerk was. De liederen zijn gekozen uit de bekende bundel van Johannes de Heer. De trompettisten realiseren een fraaie, Romantische toon. Ze spelen goed zuiver en onderling prima in verhouding. De begeleider speelt in een bijpassende, Romantische stijl. Soms lijkt het, alsof de klank van de trompetten letterlijk en figuurlijk wat op de voorgrond klinkt. Daarnaast blijft de klank van het orgel soms enigszins op de achtergrond. Uiteraard is dit geen groot bezwaar. Vooral de bewerkingen over ‘Op die heuvel daarginds’ van Harm Hoeve en ‘Ga niet alleen door 't leven’ van Edith Post worden heel verdienstelijk uitgevoerd. Aan het arrangement van de Fantasie-Toccatine over Psalm 33 van Jan Zwart moest ik eerlijk gezegd even wennen, omdat de versie voor orgelsolo mij vertrouwd in de oren klinkt. Het booklet is betrekkelijk eenvoudig uitgevoerd, het bevat enkele fraaie foto's van de musici en enige biografische gegevens over de musici. Graag had ik nog wel wat meer gelezen over de composities en de liedkeuze. - N.a.v. "Arjan en Edith - De Heer is mijn Herder"; Wim Magré, orgel - Evangelisch-Lutherse Kerk - Den Haag; Excellent Recordings (ER 104112) - [Drs. Ad van Pelt - 12 juni 2013]

47. Martin Zonnenberg - Improvisaties
Martin Zonnenberg heeft onlangs op het Schijven-Flentroporgel in de Petrus en Pauluskerk in Oostende (België) een cd met "Romantische orgelwerken" opgenomen. Daarnaast maakte hij in Oostende een schrijf met improvisaties. Om te beginnen horen we een uitgebreide improvisatie over Psalm 146 waarin de Frans-romantische stijl van Widor te herkennen is. Dan volgen er vijftien improvisaties over bekende gezangen en geestelijke liederen. Hoewel enkele malen een enigszins voorspelbaar stramien wordt gehanteerd, waarbij een zacht voorspel wordt gevolgd door een crescendo en een uitbundig slotkoraal, heeft Zonnenberg wel degelijk een afwisselende cd gemaakt. De diverse combinaties en klankkleuren van dit uitgebreide instrument, in deze goed klinkende ruimte, komen behoorlijk geschakeerd aan bod. De organist is erin geslaagd een constant niveau te waarborgen, waarbij hij nergens vervalt in simpel effectbejag, mede dankzij een smaakvolle harmoniek. Het meest heb ik genoten van de variaties over "Soms groet een licht van vreugde", waarin een voorspel à la Guilmant wordt gevolgd door een Rheinbergerachtige fugatopassage die uitmondt in een stralende slothymne. Het booklet is wel iets te eenvoudig gehouden. Enkele foto's, beperkte informatie over de kerk, verhoudingsgewijs weinig gegevens over het orgel en de orgelbouwers. Het is begrijpelijk dat registraties bij een opname als deze niet gedetailleerd weergegeven kunnen worden, maar een enkele indicatie van een toegepaste solostem zou ik zeker gewaardeerd hebben. Misschien een idee voor een volgende keer. Uiteraard doet dit geen afbreuk aan het klinkend resultaat, dat er in veel opzichten zeker mag zijn. - N.a.v. "Improvisaties; Martin Zonnenberg, Schijven-Flentroporgel Oostende; STH Records (STH 1411312) - [Drs. Ad van Pelt - 11 april 2012]

46. Dirk Donker in Sneek
Dirk S. Donker (1941) bracht een mooie en afwisselende cd uit van het Schnitger/Van Dam-orgel van de Martinikerk in Sneek, waar hij ruim 25 jaar organist is geweest. Het repertoire is een dwarsdoorsnede uit de Europese orgelliteratuur van de afgelopen vier eeuwen. Om te beginnen horen we van Buxtehude het Praeludium in C (BuxWV 138) en van drie koraalbewerkingen. In deze barokmuziek klinkt het Sneker orgel, dat nog veel pijpwerk van Schnitger uit 1711 bevat, bijzonder helder en doorzichtig. In 1898 heeft Lambertus van Dam het orgel ingrijpend maar vakkundig aangepast aan de smaak van zijn tijd. Hierdoor is het spelen van muziek uit de 19e en 20e eeuw op dit instrument bijzonder goed mogelijk, zoals blijkt uit het vervolg van het programma. De vier Skizzen (opus 58) van Schumann worden bijzonder melodieus, zangrijk, sierlijk en elegant gespeeld. Na een rustig werk van Wesley volgt een overtuigende uitvoering van de grote Zestiende Orgelsonate van Rheinberger, een omvangrijk werk dat wordt gekenmerkt door grote contrasten. Het serene "Choral" van Honegger laat in de uitvoering van Donker een diepe indruk na. De zachte romantische registers van het instrument dragen op verrassende wijze bij aan de unieke sfeer die door dit werk opgeroepen wordt. Ook in de "Variations and Fugue on the English National Hymn" van Reger horen we dat deze muziek op het robuuste instrument in Sneek uitstekend gerealiseerd kan worden. Een fraai booklet met enkele goede foto's en lezenswaardige informatie over het orgel, de orgelbouwers, de composities en de organist completeert het geheel. Een overzicht van de gebruikte registraties ontbreekt helaas. - N.a.v. Sneek - Martinikerk - Dirk S. Donker; Tuliprecords.nl (TURE 185008) - [Drs. Ad van Pelt - 23 november 2011]

45. Jeduthun zingt Psalmen
Op de nieuwste cd van mannenkoor Jeduthun uit Amersfoort horen we een rijk geschakeerde bloemlezing uit het boek de Psalmen. Dat is best opmerkelijk, aangezien het koor normaliter ook gezangen en vaderlandse liederen ten gehore brengt. Als reden voor de keuze om ditmaal een cd met louter psalmen uit te brengen wordt aangevoerd dat psalmen over het algemeen enorm gewaardeerd worden; een lovenswaardig standpunt. De bewerkingen zijn voornamelijk van de hand van de bekwame dirigent Arie Kortleven, die het koor letterlijk en figuurlijk tot grote hoogte weet te brengen. Daarnaast klinken composities van Meindert Kramer, Klaas Jan Mulder en Everhard Zwart. Het eindresultaat is bijzonder afwisselend. Er wordt gebruikgemaakt van grote contrasten in ritme, tempo en dynamiek. Nu eens klinkt Jeduthun fluisterzacht en ingetogen, even later weer bijzonder sterk, maar gelukkig nergens te hard. De teksten worden vol overgave uitgevoerd, gedragen en eerbiedig, steeds goed te verstaan. De koorklank is over de hele linie zuiver. De opname, die mooi ruimtelijk is, werd gemaakt in de Bovenkerk te Kampen en werd verzorgd door opnameleider Steven Wielink. Het Hinszorgel wordt met verve bespeeld door vaste begeleider Marcel van de Ketterij. Hij etaleert het historische instrument op een gunstige wijze, door gebruik te maken van smaakvol gekozen registraties. In alle opzichten blijken dirigent, koor en begeleider uitstekend op elkaar ingespeeld te zijn. Een eenvoudig booklet met de gezongen teksten en daarnaast een goede foto van koor en dirigent, alsmede enige informatie over koor, dirigent en organist, completeert het geheel. - N.a.v. Zingt een Psalm - Chr. Mannenkoor Jeduthun; Excellent Recordings (ER 23310) - [Drs. Ad van Pelt - 29 juni 2011]

44. Dick Sanderman in Helmond
Dick Sanderman geniet alom bekendheid als componist en als uitvoerend musicus. Een groot aantal bewerkingen over psalmen en andere liederen uit de schat der reformatorische kerken heeft hij op een verbluffend knappe wijze getoonzet en uitgegeven bij diverse Nederlandse uitgeverijen. Hieruit stelde hij voor deze cd een afwisselend programma samen, met composities uit de afgelopen 25 jaar. We horen een rijke schakering aan kleur en structuur en volop contrasterende emoties. Hiermee maakte Sanderman voor de vierde maal een cd met eigen werk. Eerdere producties vanuit Maassluis (1990), Leeuwarden (2001) en Kampen (2008) werden met waardering ontvangen. Het unieke instrument van de orgelbouwer Robustelly uit Luik (1772) wordt prachtig geëtaleerd. Telkens worden er weer nieuwe timbres geïntroduceerd. Sanderman begint met een subtiele toonschildering over Psalm 23, uitgevoerd op de zachte stemmen met de tremulant. Dan volgt, als feestelijke Intrada, een uitbundige bewerking over Psalm 47. Voorts klinken er onder meer een uitgebreide partita over Psalm 6 en een fantasie over "Abide with me", in een stijl die aansluit bij Reger. In Psalm 146 lijkt de muziek geïnspireerd door de Franse Barok. De Franse Romantiek komt aan bod in "Merck toch hoe sterck", waarvan het levendige ritme in mooi contrast staat met de daaropvolgende lyrische bewerking over "Wees stil voor het aangezicht van God". Deze prachtige cd wordt op indrukwekkende wijze besloten met de fantasie over "Herzliebster Jesu". Veel waardering! - Een fraai booklet met enkele goede foto's en lezenswaardige informatie over het orgel, de composities, de gebruikte registraties en de musicus completeert het geheel. - N.a.v. Psalmen- en liedbewerkingen - Dick Sanderman; Robustelly-orgel; Lambertuskerk Helmond; Boekenhuis Rijssen (BRCD-2104) - [Drs. Ad van Pelt - 16 februari 2011]

Periode 1990-2000:    Recensies uit de periode voor 2000

Periode 2000-2010:     Recensies uit de periode 2000-2010

Periode na 2010:      Recensies uit de periode na 2010

...